Bloggers, Jacqueline Schepers

‘Teveel’ maakt meer kapot dan je lief is

Wanneer teveel niet meer goed voor je is.

Bijna vier jaar geleden ging er een wereld voor mij open, maar tegelijkertijd begon er ook langzaam een deur voor mij te sluiten. Ik kwam erachter dat ik moeder was van in elk geval een hoogbegaafd kind. Onze dochter lijkt veel op mij, waardoor ik zelf terug ging blikken op mijn eigen leven en vooral mijn jeugd. Een periode van rouw zette op, veel voorkomend bij volwassenen die erachter komen dat ze hoogbegaafd zijn. Er komen vooral veel ‘Wat als…?’ en ‘Hoe zou…?’ gedachten op. Wat als mijn ouders dit eerder hadden geweten?

Het zijn gedachten waar je niets mee opschiet, want je kunt het verleden niet veranderen. Je kunt enkel je leven met deze nieuwe kennis anders gaan inrichten. Het gaf aan de ene kant zelfvertrouwen, maar tegelijkertijd voelde ik de druk om het nu waar te gaan maken extra opzetten. Ik heb in die periode daarna meer over mezelf geleerd dan in alle jaren ervoor. Maar het ging gepaard met een hoge prijs. Die druk die ik ervaarde in combinatie met die nieuwe kennis leidde geleidelijk tot een depressie – niet mijn eerste. Ik begreep mezelf wel, maar anderen zoals collega’s niet altijd zo en ik kreeg het ze op de werkvloer ook niet altijd uitgelegd. De fysieke klachten werden erger: door spanning kreeg ik last van mijn stem. De logopedist kon alleen maar aan symptoombestrijding doen door wekelijks de stembanden en halsspieren te masseren. Er kwam hoofdpijn bij die ik met veel koffie en paracetamol probeerde te onderdrukken. Slapen deed ik al maanden slecht. Ik had collega’s die me achteruit zagen gaan en me waarschuwden, maar uiteindelijk moet je zelf letterlijk en figuurlijk tegen de muur aanlopen, voordat je ziet wat zij zien. Ik kreeg al langer het advies om me ziek te melden, maar dat wilde ik niet. Ik wilde me de ellende van een ziektetraject niet op mijn hals halen. Ik zou het nog wel even volhouden, dacht ik. Je wil als moeder alles zo goed mogelijk doen: gezin onderhouden, huishouden, een goede echtgenote zijn en tegelijkertijd je collega’s niet teleurstellen. Ik voelde de verantwoordelijkheid op mijn schouders drukken, en wilde niet falen. Te laat kwam het besef en ineens overkwam het me. Ik voelde op een avond, toen de spreekwoordelijke druppel viel, letterlijk alle overgebleven energie via mijn voeten de grond in zakken. Ineens wist ik niet meer wat boven of ander was. Ik kon alleen maar huilen en wilde alleen maar slapen. Ik wist niet meer hoe me aan te kleden of hoe ik koffie moest zetten. Als ik boodschappen ging doen, gebruikte ik het winkelwagentje als steun, om niet om te vallen. Ik had me uiteraard van pure ellende toch maar ziek gemeld, maar was ervan overtuigd dat ik snel weer alles zou oppakken. Ik wilde nog steeds niemand tot last zijn.

Het leven thuis ging door: met de kinderen die willen afspreken, de Communie van de oudste die voorbereid moest worden, de hond die uitgelaten moest worden (hoewel het beestje mij nu uitliet in plaats van ik haar). Ik wilde de kinderen nog steeds niet tekort doen. Een nieuwe periode kondigde zich aan, een met veel psychologen. De diagnose zware depressie was de eerste. Burn-out werd niet concreet gesteld, maar werd bij de diagnose ‘psychosomatische klachten’ genoemd. Een traject volgde, waarbij me al gauw werd verteld dat de hulp die ik kreeg niet afdoende zou zijn. Na een ingreep door mijn huisarts op advies van de internist gebonden aan de praktijk die het handelen van de bedrijfsarts medisch onverantwoord noemde (de bedrijfsarts wilde me weer zo snel mogelijk aan het werk zien), werd psychotherapie voorgeschreven, evenals intensieve revalidatie. Ik kreeg het advies het Paleodieet te gaan volgen, om de vermoeidheid (bijnieruitputting) eronder te krijgen. Ik ben groot liefhebber van pasta, rijst, aardappeltjes en brood. Eerder bleek ik al lactose-intolerant, terwijl ik zo van zuivel hou. Dat werd ineens van mijn menu geschrapt. Mijn depressie sleurde me weer terug de diepte in door deze tegenvaller, want alles wat ik lust mocht ik ineens niet meer eten. Ik ben erg kieskeurig op dat vlak en zag hierdoor het licht aan het einde van de tunnel verdwijnen. Ik viel in 3 maanden tijd 12 kilo af. De depressie heb ik uiteindelijk weer kunnen overwinnen, maar de vermoeidheid is gebleven, evenals de hoofdpijn en de duizeligheid in drukke ruimtes, de misselijkheid bij te veel inspanning….

Na een jaar ziekte en een heleboel trajecten, bleek dat de kortsluiting in mijn hersenen (zo noem ik het maar even) te heftig te zijn geweest: lesgeven gaat niet meer. Waar ik voorheen 20 tabbladen op mijn computer tegelijkertijd open kon hebben en kon beheren, ligt de max nu bij twee. Springt een derde tabblad open, dan crasht mijn computer. Ik heb veel plannen, de ambitie is nooit weggegaan en de plannen zijn er nog steeds. Ik wil graag werken en solliciteer wekelijks, maar ik word elke keer teruggefloten als ik teveel van mezelf heb gevraagd. Afgelopen week kreeg ik officieel de diagnose ME/CVS. Iets wat ik wel zag aankomen, maar nu ik het weet, toch weer een plekje moet geven.

Bij hoogbegaafden is bore-out iets wat altijd op de loer ligt, evenals burn-out bij hoogsensitieven. Te veel of te weinig is nooit goed, want dan is de balans zoek. Maar hoe moet dat nu als je eigenlijk wel uitgedaagd wil worden, maar dat door fysieke beperkingen niet realistisch is? Je wil niet richting bore-out. Het is de laatste ontwikkeling na 2,5 jaar naar mijn weg zoeken. Met geluk behoor ik tot de 5 a 10% die er weer bovenop komt, maar de vooruitzichten zijn niet gunstig. Bij mij is het niet zo extreem dat ik aan bed ben gekluisterd, maar ik ben wel beperkt in mijn dagelijks functioneren. Als opgeleid docent is het nu zoeken naar een baan waar ik mijn deskundigheid in kwijt kan, maar tegelijkertijd ook mijn eigen tempo in kan bepalen, zonder het lesgeven aan grote groepen en zonder de werkdruk. En dat in Zuid-Limburg. Het belooft een nieuwe uitdaging.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *