Gastblogger

Gastblogger Karine uit België vertelt

Ik ben Karine en woon samen met mijn echtgenoot Christian en onze zonen Kevin en Cédric op het Vlaamse platteland. Onze dochter Tiffany heeft sinds enige tijd het nest verlaten en woont samen met haar vriendje.

Wij zijn best een relaxte familie. Dat is ook wel nodig aangezien onze jongste zoon Cédric gediagnosticeerd is met asperger, een syndroom dat tot het autismespectrum gerekend wordt. Het is een ontwikkelingsstoornis en bij Cédric vooral zichtbaar op het vlak van taal. In tegenstelling tot vele personen met autisme of asperger heeft Cédric totaal geen probleem met sociale interacties. Integendeel.

Als ik terugkijk op Cédric zijn kinderjaren, moet ik toegeven dat al tamelijk snel bleek dat hij “anders” was dan andere kinderen. Een beetje overgevoelig eigenlijk en we dienden ook heel duidelijk te zijn met wat we hem vroegen: 14u was 14u en niet 13u58 of 14u01.

De grootste verrassing voor ons en ook voor hem bij asperger bleek taal te zijn. In Cédric zijn hoofd had het alfabet tientallen letters in plaats van de gekende 26. Zo waren voor hem de drukletter “a” en de schrijfletter “a” twee totaal verschillende letters en hij weigerde de schrijfletter “a” dan ook als a uit te spreken. Op een gegeven moment opperde de juf uit het eerste leerjaar dan ook om hem bijzonder onderwijs te laten volgen. Aangezien we ons eigen kind heel goed kenden, weigerden we dit en ben ik zelf aan de slag gegaan met allerlei manieren en methodes om hem het alfabet en de verschillende schrijfwijzes van letters aan te leren. Dat was de beste manier om het eerste leerjaar te doorspartelen.

Uiteindelijk is Cédric pas in het derde leerjaar door een arts verbonden aan het leerlingencentrum gediagnosticeerd met asperger woordoor er op school extra begeleiding kon gegeven worden. Zelf hadden we hem al een jaar voordien laten testen door een professor aan de Vrije Universiteit Brussel die ook de Belgische overheid adviseert omtrent leerstoornissen. De school weigerde echter met deze resultaten rekening te houden, waardoor Cédric bijna voor de tweede keer naar het bijzonder onderwijs gestuurd werd.

Ondertussen is hij 13 en zit hij in het tweede jaar ASO. Hij volgt er zijn favoriete richting S.T.E.M. waar momenteel heel hard op ingezet wordt in het Vlaamse onderwijs. S.T.E.M. staat voor Science, Technology, Engineering en Mathematics en vormt studenten die hopen om ooit af te studeren aan een (Technische) Universiteit of Hogeschool. TU Delft bijv. staat op zijn verlanglijst bovenaan. Alleen zullen nog enkele watertjes moeten doorzwommen worden, want taal blijft echt wel een uitdaging. Gelukkig kan hij rekenen op een mama die haar leven zowat “on hold” zet tijdens toets- en examenmomenten en er steeds voor hem is. Samen geven we het beste van onszelf om hem verder te brengen en hem te laten opgroeien als een normale jongen en niet als iemand met ASS. We denken in termen van mogelijkheden en niet in termen van beperkingen. Dat maakt dat Cédric zeer positief in het leven staat en zich niet minderwaardiger vindt dan om het even welk ander kind.

Verder heeft hij een groep vrienden waar hij regelmatig mee afspreekt om naar de cinema te gaan, te komen zwemmen of zelf een “gaming”-dagje te organiseren. Dan blijven alle jongens overnachten en maken we er een megaleuke dag van.

De belangrijkste les die we hieruit geleerd hebben, is dat je kind steunen en aanmoedigen, zorgt voor hun succes én taal wonderen kan doen voor zijn vooruitgang. Zo spreken we nooit over foute antwoorden wel over verkeerde antwoorden en spreken we bij een 4/10 niet over een buis, maar wel over net niet gehaald. (In Nederland noemen ze buis – zakken).

 

Het is maar hoe je het bekijkt …

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *