Gastblogger

De kracht van een kaartje

Weken zitten we al in het ziekenhuis. Het gaat niet slecht met de kleine man, maar ook nog niet goed genoeg om naar huis te gaan. Moedeloos worden we er van. Het eerste herstel ging boven verwachting snel, maar lopende drains gooien roet in het eten. En wat voor roet. Pikzwart is het…

We kijken de artsen na. Zojuist kwamen ze op visite. Een paar man sterk. Ze bespraken het vocht. De drains die verstopt zitten. Dat het niet langer kon. Dat zoon straks wéér naar de ok moet. Voor de zoveelste keer tijdens deze opname. Om weer iets aan die drains te doen.

We keken elkaar aan. We knikten braaf naar de artsen. Ik verbeet mijn tranen. Nu de artsen weg zijn, komen ze alsnog. Ik kan er niet meer tegen. Ik ben moe, ik wil dit niet meer. En dan ben ik ook nog eens een paar weken zwanger, waardoor de hormonen door mijn lijf gieren en ik me geradbraakt voel.

Je probeert jezelf overeind te houden, je praat jezelf moed in. Maar elke tegenslag voelt als een mokerslag. Elke tegenslag komt dubbel zo hard aan. Ik vraag me af hoe lang we dit nog volhouden. Maar ik weet ook dàt we het vol zullen houden, want er is geen andere optie. Natúúrlijk houden we dit vol. Voor onze kleine man. Hìj is degene die het weer moet ondergaan en wìj gaan hem daarbij helpen. Alleen soms weet ik gewoon niet zo goed hoe.

We kijken naar de kleine man. Hij zit in zijn bed te spelen. Hij is allang blij dat de dokters weer weg zijn. Even geen gesjor aan zijn lijfje. Voor zo lang het duurt. Ik werp een blik op de vermaledijde drainbakken. Ik wens ze naar het einde van de wereld.

Ik voel me ontzettend alleen. Hier zitten we dan, in het ziekenhuis. We leven al weken in een bubbel. Het weinige contact met de buitenwereld is via mijn ouders of via kaartjes die we krijgen. Uit onze vriendengroep horen we weinig tot niks. Dat doet pijn. Het lijkt alsof er twee werelden bestaan. Een wereld buiten het ziekenhuis, waar wij even geen deel van uitmaken. En een eigen universum ìn het ziekenhuis, een andere wereld met een andere tijdsbeleving. Waarin de dagen zowel korter als langer lijken als daarbuiten. Waarin de weken zowel sneller als langzamer gaan dan daarbuiten.

Dan wordt er geklopt op de deur. Het is de verpleegkundige met post. Verheugd pak ik het kaartje aan. Het is een kaartje van een hartenvriendje. De bemoedigende woorden slaan even een brug tussen de twee werelden. Dit kaartje kon op geen beter moment komen als nu. Deze woorden, het besef dat mensen met ons meeleven, dat we het niet alleen hoeven doen, zijn precies wat ik nodig heb om de dag weer aan te kunnen. Om de gang naar de ok straks weer te kunnen maken. Om dat beetje moed weer bij elkaar te rapen.

Dàt is wat een kaartje kan doen. Onderschat niet de kracht van een kaartje. Een bemoedigend woord. Een stukje troost op papier.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *